Twitter

Subsidies en regelingen

Onder constructie

Introductie

door Wilco Pels

 

U kunt in verschillende vormen financiering krijgen:

  • subsidie (tegemoetkoming in de kosten);
  • krediet (lening met gunstige voorwaarden);
  • fiscaal (belastingvoordeel).

Deze financieringsbronnen hebben belangrijke voordelen:

  • er hoeft geen aandelenbelang en zeggenschap te worden opgeofferd;
  • u hoeft (bij subsidies en belastingvoordelen) niet persoonlijk garant te staan;
  • het is relatief 'goedkoop' geld, gezien de doelstellingen en omstandigheden.  

Aanvraag

Met uitzondering van sommige fiscale regelingen dient u altijd voor de start van een project een aanvraag in te dienen. Daarom is een tijdige voorbereiding noodzakelijk.

Een aanvraag kan bestaan uit de volgende onderdelen:

  • een formeel aanvraagblad, uitgegeven door de beoordelende instantie;
  • een document waarin wordt aangegeven:
    • hoe aan de algemene eisen en voorwaarden wordt voldaan;
    • hoe aan de scorecriteria wordt voldaan;
    • waarom deze aanvraag zo bijzonder is;
    • hoe de projectorganisatie eruit ziet, wat ieders rol is en in hoeverre het project bijdraagt aan de organisatiedoelstellingen;
  • een begroting, een planning en een risicoanalyse;
  • een intern projectplan of businessplan, meestal volgens voorgeschreven format;
  • overeenkomsten tussen de aanvragende partijen (daarmee krijgt de overheid een sterkere garantie op projectvoltooiing);
  • bijlagen, bijvoorbeeld jaarverslagen, uittreksel Kamer van Koophandel en wetenschappelijke rapporten.

Als u de stukken slim opstelt, dan kunt u de interne project- en businessplannen ook als bijlagen gebruiken. U heeft dan alleen extra werk aan de vereiste aanvraagbeschrijving. Het helpt als een aanvraag goed geschreven en aantrekkelijk is. Maar hoe 'gelikt' uw aanvraag ook is, de basis is en blijft een goed project of onderneming. 

Op te voeren kosten

Bij alle regelingen wordt gerekend met de werkelijke gemaakte, dus interne kosten, bij ondernemingen altijd exclusief btw.

  • Arbeid: De basis is meestal arbeidstijd tegen de fiscale loonkosten gedeeld door gewerkte tijd. Vaak wordt een opslag voor overhead toegestaan. Meestal is er onderscheid tussen de directe projecttijd en de administratieve projectleiding.
  • Materialen en machines: Materialen die worden gebruikt of verwerkt gedurende het project mogen meestal tegen honderd procent inkoop tarief worden meegenomen, machines (met een waarde na beëindiging van het project) kunnen worden opgevoerd tegen speciale machine-uur calculaties.
  • Inhuur derden: Bij onderzoek- en ontwikkelingsprogramma's mogen derden een klein deel van de werkzaamheden verrichten; alleen bij typische inkoop-investeringsregelingen ligt dit anders. De toegestane kosten tellen voor honderd procent mee.

Beoordeling

Na de ontvangst van de aanvraag doorloopt de beoordelaar de volgende stappen:

  • Controle op het voldoen aan de minimum criteria
    • tijdigheid en volledigheid aanvraag;
    • aanvraaggrootte in geld en doorlooptijd;
    • omvang en juridische vorm aanvrager(s).
  • Toetsing van de aanvraag aan de beoordelingscriteria. Generieke criteria zijn:
    • Wat er wordt gedaan in termen van investering en ontwikkeling? Dit is soms themagericht (bijvoorbeeld energiebesparing) en soms gericht op de aard van de activiteit (bijvoorbeeld technisch onderzoek).
    • Wat draagt de aanvraag bij aan de onderneming?
    • Wat draagt de aanvraag bij aan Nederland en/of Europa?
  • Ranking  van de aanvragen, te beginnen met de hoogste score.

Bij Europese subsidies, die hier niet aan bod komen, wordt vaak ook gekeken of de verdeling over de landen en onderwerpen voldoende overeenkomt met de politieke wensen.

Soms worden de aanvraagscores van losse aanvragen nog aangepast om een politiek correcte uitslag te bereiken. Verdiep u dus in de criteria van deze politieke herbeoordeling en maak werk van een lobby voor de aanvraag om uw kans op succes te verhogen.

Administratieve eisen

Alle gedeclareerde kosten moeten terug te vinden zijn in de administratie. Extern zijn dat de projectfacturen; intern zijn dat, personeelsuren en kosten voor machines en aparatuur. Er moet altijd worden bijgehouden welke persoon of machine op welke dag en op welk porject(-onderdeel) heeft gewerkt. Soms is de controle daarop verdergaand en wordt per betrokken medeweker een gesloten en geaccordeerde tijdadministratie gevraagd: een overzicht van alle tijdbesteding, inclusief vakantie en overige (werk-)activiteiten. Dit moet u per week administreren en dus niet achteraf reconstrueren.

Projectorganisatie

Om rapportages te kunnen opstellen en verantwoording van de gebeurtenissen te kunnen afleggen is het noodzakelijk dat u alle werkzaamheden en ontwikkelingen bijhoudt. Denk hierbij aan:

  • correspondentie, email, interne rapportages en vergaderstukken;
  • tekeningen en berekingen;
  • marktanalyses;
  • meetverslagen, testverslagen en (foto's van geteste) prototypes.

Een goed opgezette projectorganisatie levert door de geregelde processen vanzelf de noodzakelijke stukken en documenten.


Tip: Bezint eer ge begint!

Door Michel Simons

 

Het aanvragen van subsidie gaat niet vanzelf. Probeer voordat u begint een beeld te krijgen van:

  • de potentiële opbrengst;
  • de slagingskans van het project (voldoende budget en dergelijke) en
  • de hoeveelheid werk die verzet moet worden (ook om de administratie bij te houden).

Zelf doen of uitbesteden?

Om tot een aanvraag te komen kunt u globaal twee wegen bewandelen: u doet het zelf of u roept de hulp in van een subsidieadviseur. Zelf doen is prima mogelijk en de instanties die de aanvraag beoordelen zijn vaak bereid om een aanvrager te helpen.

Een (goede) adviseur heeft een paar voordelen boven zelf aanvragen:

  • rendement: de slaagkans is groter;
  • expertise: u krijgt door betere toepassing van de regels vaak een hoger subsidiebedrag;
  • tijdsbesparing: de consultant neemt u werk uit handen bij aanvraag en afhandeling;
  • brede blik: hij of zij onderzoekt direct andere mogelijkheden. '

Er zijn uiteraard wel kosten aan verbonden.

Overwegingen

In de markt zijn globaal twee soorten adviseurs actief. Adviseurs die op uurtarief of op no cure, no pay-basis werken. Vooral accountantskantoren hanteren het principe 'uurtje-factuurtje'. Bij serieuze adviseurs variëren de tarieven van tachtig tot meer dan vierhonderd euro per uur. Vrijwel alle no cure, no pay-adviseurs vragen daarentegen vijftien procent van het aan u verleende subsidiebedrag. Daarnaast vragen zij vaak een vaste (bijkomende) vergoeding van ongeveer duizend euro. Laat u zich in uw selectie naar de best passende adviseur niet alleen leiden door het percentage. Een laag percentage kan een lage kwaliteit of weinig aandacht van de adviseur betekenen. Weeg daarom de prijs en de bijbehorende kwaliteit af tegen de kosten van het mislukken van uw aanvraag.

De volgende vragen kunt u gebruiken als leidraad bij het selecteren van de jusite adviseur:

  • Kijkt de adviseur af en toe naar de aanvraag, of schrijft hij/zij actief aan het plan? Houdt het adviseren op wanneer de subsidie is ontvangen of krijgt u ook advies over de administratieve verplichtingen?
  • Welke vakkennis heeft de adviseur? Meer vakkennis kan uw slaagkans verhogen. Daarnaast kan de adviseur effectiever tijd aan u besteden. Hij/zij hoeft immers niet alles uit te zoeken.
  • Past de adviseur bij uw bedrijf? Wilt u zaken doen met een gerenommeerde naam die een breed scala aan diensten aanbiedt of heeft u behoefte aan slagvaardig contact?
  • Hoe compleet is het advies? Kijkt de adviseur alleen naar de WBSO, of helpt hij/zij u ook verder met andere subsidies?

Laat u goed informeren over de prijs en de werkzaamheden die er voor worden verricht. Check de deskundigheid van de adviseur en ga een oriënterend gesprek aan om te onderzoeken of de adviseur passend lijkt. Wil de adviseur het oriënterende gesprek in rekening brengen, zoek dan een andere partner.


Meer informatie

Informatie over verschillende stimuleringsprogramma's en -regelingen is online te vinden. Allereerst bij de uitvoerders zelf, zoals Agentschap NL, TechnoPartner of de EVD.

Daarnaast kunt u terecht bij:

  • www.bedrijvenloket.nl - alle informatie met betrekking tot regelgeving voor ondernemers;
  • www.subsidieshop.nl - de internetsite van het Ministerie van Economische Zaken met een overzicht van ruim driehonderd Europese, nationale en provinciale subsidies voor bedrijven of projecten;
  • www.subsidietest.nl - een subsidietest voor ondernemers om in een paar minuten uit te vinden of er voor het bedrijf interessante subsidiemogelijkheden zijn;
  • www.higherlevel.nl - ondernemersforum waar onder meer de praktische toepassing van de regelingen besproken wordt.

 

Overzicht instrumenten

Door Marion van der Heden

 

Naam            Subsidieprogramma KennisExploitatie (SKE)

Soort              Subsidieregeling

Doelgroep       Kennisinstellingen en bedrijfsleven

Begunstigde    Technostarters

Doel               Meer en betere technostarters d.m.v. begeleiding en ondersteuning via kennisinstellingen en bedrijfsleven

Voorwaarden   Faciliteiten worden verstrekt via consortia

Informatie       www.technopartner.nl

Technostarters hebben behoefte aan kennis om innovatief te blijven, dure apparatuur om te testen en professionele ondersteuning om hun bedrijf goed op de rit te krijgen. Het subsidieprogramma KennisExploitatie (SKE) stelt kennisinstellingen en het bedrijfsleven in staat om technostarters te begeleiden, apparatuur ter beschikking te stellen, onderzoek door te lichten op commerciële mogelijkheden en octrooien aan te vragen die aan technostarters overgedragen kunnen worden.

Uitvoerder TechnoPartner geeft steun op het gebied van:

  • kennis
  • octrooien
  • apparatuur
  • begeleiding (netwerken)
  • financiering


Naam         Tante Agaathregeling

Soort           Fiscale regeling

Doelgroep    Particuliere kredietverstrekkers

Begunstigde Startende ondernemers

Doel            Realiseren van beginkapitaal d.m.v. fiscale stimulans aan particuliere verstrekkers van risicodragend vermogen

informatie    www.belastingdienst.nl   en  www.tanteagaath.nl

De Tante Agaathregeling maakt het voor particulieren fiscaal aantrekkelijk geld aan startende ondernemers te lenen. Als startende ondernemer heeft u er misschien geen rechtstreeks voordeel van, maar de regeling kan het u wel een stuk gemakkelijker maken om het beginkapitaal voor uw onderneming bij elkaar te krijgen. Wellicht kunt u met behulp van deze regeling iemand bereid vinden een deel van zijn vermogen in uw onderneming te steken. Deze regeling biedt zo'n particuliere geldgever namelijk interessante fiscale voordelen, zoals:

  • vrijstelling voor de vermogensrendementsheffing in box 3;
  • een aftrekpost als de lening moet worden kwijtgescholden;
  • heffingskorting.

Naam          Borgstelling Midden- en Kleinbedrijf (BMKB of borgstellingskrediet) TechnoPartner Label

Soort            Garantieregeling

Doelgroep     Banken

Begunstigde  Midden- en kleinbedrijven met een kredietbehoefte tot drie miljoen euro

Doel             Realiseren van kapitaal d.m.v. het verschaffen van garanties op bankkredieten

Informatie     www.mkb.nl

Voor bedrijven is het lastig om geld te lenen van de bank als het onderpand ontoereikend is. In zo'n geval kan de bank gebruik maken van de BMKB-regeling van Economische Zaken. Bij toepassing van de BMKB-regeling geeft de overheid een borgstelling af aan de bank voor een deel van het kredietbedrag, waardoor het risico voor de bank wordt verlaagd. De bank toetst dan of het bedrijf in aanmerking komt voor dit zogenaamde borgstellingskrediet. Bij die toetsing wordt bekeken of er wordt voldaan aan de volgende criteria:

  • er is een tekort aan zekerheden;
  • krediet is niet ter vervanging van huidige verplichtingen bij huidige bank;
  • de rentabiliteits- en continuïteitsperspectieven van de onderneming zijn bevredigend;
  • er zijn maximaal tweehondervijftig werknemers in dienst;
  • de te verwachten cashflow  is voldoende om toekomstige rente- en aflossingsverplichtingen aan de bank te kunnen voldoen.

De hoogte van het borgstellingskrediet is afhankelijk van de kredietbehoefte. Verder mag het borgstellingskrediet niet groter zijn dan het tekort aan zekerheden. Naast de basisvariant van het borgstellingskrediet niet groter zijn dan het tekort aan zekerheden. Naast de basisvariant van het borgstellingskrediet bestaan voor de starters en de innovatieve bedrijven twee varianten die een ruimere garantiemogelijkheid bieden. De overheid kan voor een groter deel van het bancaire krediet garant staan. Op de website staan de voorwaarden.

In 2010 zijn de garantiepercentages tijdelijk verhoogd (deze percentages gelden tot eind 2010). Zowel bij bestaande als startende mkb-bedrijven staat de overheid voor 80 procent garant bij een lening van maximaal €250.000. Voor kredieten boven dit bedrag, met een maximum van €3 miljoen, geldt een garantiepercentage van 45 procent. Voor leningen boven dit bedrag kunt u een beroep doen op de Garantie Ondernemersfinanciering (GO).

Op enkele uitgesloten sectoren na, is de BMKB een financieringsinstrument bedoeld voor het gehele MKB.

TechnoPartner Label en BMKB

Voor echte technostarters is het vaak extra moeilijk om de financiering rond te krijgen. Als de bank onbekend is met de technologie en daarom niet in staat is om een lening te verstrekken, kunt u een beroep doen op het TechnoPartner Label. Dat is een verruiming van het Besluit Borgstelling MKB-kredieten. Op verzoek van de bank beoordelen specialisten uw kredietaanvraag op technisch inhoudelijke gronden. Het is een second opinion waarbij het technisch vernuft en het marktperspectief meer aandacht krijgen. Bij een positief oordeel over de kredietaanvraag ontvangt de bank het TechnoPartner Label, een verklaring dat de overheid garant staat voor een deel van de lening. Hiermee wordt het risico voor de bank kleiner, waardoor de kans op financiering toeneemt.


Naam         Seed-faciliteit

Soort           Lening

Doelgroep    Participatiefondsen

Begunstigde Technostarters & Creatieve starters

Doel            Realiseren van risicokapitaal voor starters in de vroege levensfase

Informatie   www.technoparter.nl

Om investeringen in risicovolle ondernemingen in de vroege levensfase te bevorderen biedt TechnoPartner de Seed-faciliteit. De Seed-faciliteit verbetert de risico-rendementsverhouding voor investeerders en vergroot de financieringsmogelijkheden voor technostarters en creatieve starters. Participatiefondsen krijgen de mogelijkheid een lening te verkrijgen voor het aangaan van participaties in deze starters. Ieder fonds heeft een eigen strategie en hanteert specifieke criteria waaraan de starter moet voldoen. De fondsmanager bepaalt in welke starters het fonds investeerd. Voor een overzicht van de fondsen die al gebruikt hebben gemaakt van de Seed-faciliteit zie De Gids Startkapitaal, editie 2008, p. 127.


Naam         Groeifaciliteit

Soort           Garantieregeling

Doelgroep    Banken en participatiemaatschappijen

Begunstigde MKB-bedrijven in de snelle groeifase en bij bedrijfsovername

Doel            Realiseren van risicokapitaal in de snelle groeifase via overheidsgarantie

Informatie    www.nlinnovatie.nl/groeifaciliteit

Bij snelle groei en bedrijfsoverdrachten hebt u waarschijnlijk behoefte aan extra kapitaal om de financiële baiss te verbreden. De groeifaciliteit moet het risico voor externe financiers verlagen. De groeifaciliteit biedt een overheidsgarantie van vijftig procent voor alle financiers (met een maximum van vijf miljoen euro). Door deze garantie is het voor de financier een stuk minder risicovol en de overheid hoopt dat daar veel MKB-bedrijven van kunnen profiteren. Voor financiering met garantie van de Groeifaciliteit wendt u zich tot de deelnemende financiers. De financier besluit of de desbetreffende financiering wordt verstrekt en of er een verzoek tot garantstelling wordt ingediend. Verdere informatie en de geldende criteria vindt u op de bovengenoemde website.


Naam         WBSO

Soort           Fiscale regeling

Doelgroep    Innovatieve bedrijven (R&D)

Begunstigde Gelijk aan doelgroep

Doel            Realiseren van technologische vernieuwingen

Informatie   www.wbso-mkb.nl/

De WBSO is een fiscale stimuleringsregeling waarmee de Nederlandse overheid een deel van de loonkosten voor speur- en ontwikkelingswerk (R&D) compenseert. De WBSO biedt een tegemoetkoming in de loonkosten van werknemers die R&D verrichten. Het fiscale voordeel is een vermindering van de af te dragen loonheffing over de loonkosten van deze medewerkers.

De WBSO kent drie vormen, te weten:

  • Afdrachtvermindering: per kalenderjaar 50% van de eerste € 220.000 van de totale S&O-loonsom, en 18% van de resterende S&O-loonsom.
  • Zelfstandigenaftrek van R&D, deze bedraagt € 12.031.
  • Voor technostarters (binnen de eerste 5 jaren) geldt een afdrachtvermindering van 60% over de eerste schaal of een extra zelfstandigenaftrek van € 6.017.

Er mag maximaal drie keer per jaar een aanvraag worden ingediend. De periode bedraagt min. 3 en max. 6 kalendermaanden, deze mogen elkaar niet overlappen. De aanvraag moet minimaal 1 maand voordat de periode begint worden ingediend.

 

 


 

Naam         Innovatievouchers

Soort           Subsidieregeling

Doelgroep    Midden- en kleinbedrijven

Begunstigde Publieke kennisinstellingen in midden- en kleinbedrijven

Doel            Gebruik maken van de aanwezige kennis van de publieke kennisinstellingen

Informatie    www.nlinnovatie.nl/innovatievouchers

 

Een innovatievoucher is een bon waarmee mkb-bedrijven kennis bij een publieke kennisinstelling kunnen inkopen. Zo kan ieder bedrijf uit het midden- en kleinbedrijf gebruik maken van kennis die bij de kennisinstelling op de plank ligt en die het bedrijf helpt te vernieuwen. Een innovatievoucher kan ook worden ingezet voor de betaling van octrooikosten. Op deze website leest u hoe een innovatievoucher werkt en hoe u gebruik kunt maken van deze regeling.


Naam         prepare2start

Soort           Subsidieregeling

Doelgroep    Midden- en kleinbedrijven

Begunstigde Gelijk aan doelgroep

Doel            Succesvolle betreding van Nederlandse bedrijven op nieuwe markten

Informatie   www.evd.nl/prepare2start

De Subsidieregeling prepare2start beoogt mkb-bedrijven met weinig of geen exportervaring te ondersteunen bij het betreden van een nieuwe buitenlandse markt. De ondersteuning bestaat uit advies en begeleiding bij een internationaliseringsplan en een bijdrage in de kosten van een aantal in het plan genoemde activiteiten. De bijdrage bedraagt 50% van de gemaakte kosten tot maximaal 11.500 euro.

Deelname aan de regeling is mogelijk wanneer de ondernemer gaat exporteren naar een land waar hij nog niet of slechts in beperkte mate actief is. Samen met een adviseur internationale handel van de Kamer van Koophandel, Syntens of één van de deelnemende ondernemersorganisaties wordt een internationaliseringsplan opgesteld. Dit plan is de kern van de regeling. Met prepare2start kan hij zich oriënteren op de mogelijkheden van inkoop, productie, samenwerking en verkoop op internationale markten. De kosten van het advies en de begeleiding van de adviseur internationale handel bij het opstellen en uitvoeren van het plan komen voor rekening van de EVD (een agentschap van Economische Zaken). Het plan wordt beoordeeld door de EVD. Binnen het internationaliseringsplan zijn de volgende activiteiten subsidiabel: marktverkenning, partnerselectieprogramma, internationale beurzen, presentatiemateriaal, relevante opleidingen, juridisch advies, internationale octrooien, merk- of modelregistraties en het tijdelijk inhuren van één of meer interin-managers met ervaring op het gebied van internationaal ondernemen.

 


Bron: De Gids Startkapitaal editie 2008. Handleiding voor nieuwkomers op de Kapitaalmarkt, uitgegeven door NeBIB.


Doe mee

Blijf op de hoogte! Schrijf je nu in voor de nieuwsbrief.

Upcoming events

Grande Finale New Venture 28 juni 2012
28-06-2012
Bekijk | Meer events